De Orde in coronatijd: een coronaboekje, een coronaboek en een coronakapselgedicht

In vorige nummers van PrincEzine zijn al verscheidene 'coronaboekjes' de revue gepasseerd. Het boekje van de afdeling Delft is daarbij wel genoemd, maar niet besproken. Tot op heden had de redactie dat namelijk nog niet ontvangen. Inmiddels wel. Overigens is 'coronaboekje' niet de juiste term: het betreft een 165 bladzijden tellend boekwerk met harde kaft met essays over totaal verschillende onderwerpen als ontmoetingen met buitenaards leven, de Brexit en falende Boeing 737's. Ook de afdeling 't Sticht klom in pen over wat hen bezighield rond de Kerst.

Voorzitter Jan van Groesen van de afdeling Delft licht graag toe wat de afdeling ertoe gebracht heeft een coronabundel samen te stellen. In één zin samengevat: de kwetsbaarheid van de mens wordt door corona zichtbaar. We laten hem dat graag zelf verder toelichten:

De mens is een boeiend wezen, uniek in zijn denken, uniek in zijn gedragingen en uniek in zijn omgang met soortgenoten. Het verwerven van kennis en informatie vormt voor mensen de basis tot zelfvertrouwen en zelfbewustzijn, om nieuwe wegen in te slaan en de toekomst te verkennen. Inspanning, creativiteit en avontuurlijkheid, die de mensheid zoveel vernieuwende progressie in haar ontwikkeling hebben bezorgd, zijn daarvan het resultaat.

De mens is ook een sociaal wezen dat zijn kunde, zijn merites en zijn prestaties graag ontplooit en aan anderen wil tonen. Prestaties en successen nodigen immers uit tot profilering. Het delen van geluk behoort voor hem tot een van de zaligste elementen van de omgang met de ander.

Echter, in deze sociale zin blijkt homo sapiens tevens een fragiel en kwetsbaar wezen te zijn dat zich ontwend kan voelen in eenzaamheid en dat smacht naar aandacht, naar vertier en niet in de laatste plaats ook naar gezelschap. In zijn sociale hoedanigheid wordt duidelijk dat voor de mens het begrip samenleving meer is dan een oppervlakkige ervaring. De kwetsbaarheid wordt met name zichtbaar als zich grote gebeurtenissen voor de mens ontvouwen, die hem in zijn doen en denken dreigen te overweldigen en die zijn leven kunnen aantasten. Dan slaat de onzekerheid en de angst toe en is de mens heel snel tot hulpeloze entiteit vervormd. De huidige coronapandemie is daarvan een treffend voorbeeld, vooral van het beeld dat een zelfbewust individu zich plotseling tot willoos voorwerp laat maken, zelfs al zijn de beveiligingsmaatregelen tegen het virus uit een oogpunt van volksgezondheid volledig te begrijpen. Wie had kunnen voorzien, zo vraag je je af, dat de moderne mens anno 2020 zich wereldwijd voor langere tijd zou laten 'opsluiten', zich met draconische maatregelen in zijn privacy zou laten aantasten en zich door de overheid zijn vertier zou laten toe-eigenen.

Socialiseren

Met dit menselijke fenomeen werd ook de afdeling Delft van de Orde van den Prince geconfronteerd toen begin maart 2020 het coronavirus in Nederland uitbrak en de maandelijkse bijeenkomsten in het Vermeer Centrum te Delft moesten worden geannuleerd zonder duidelijk perspectief wanneer de bijeenkomsten zouden kunnen worden hervat. De reden waarom mensen zich bij een vereniging of een genootschap aansluiten, verraadt juist vaak het verlangen naar socialiseren en communiceren en al het andere wat een individu zoekt om in gezelschap te verkeren en met elkaar samen te leven. Men ontmoet er bekenden, men voert discussies over de nabije en veraf gelegen historie of de actualiteit en haalt anekdotes op. Of men laat zich zijn kennis verrijken door naar een interessante lezing te luisteren, een opvoering te aanschouwen of aan een creatieve uiting deel te nemen.

Als de fysieke mogelijkheid tot een dergelijke sociale activiteit plotseling verdwijnt, en dat gedurende vele maanden, dreigt voor de mens een vast richtpunt weg te vallen. Dan doemt het risico op dat de onderlinge band, die mensen in gezelschappen hebben opgebouwd, snel losser gaat worden. De waarde van de groepsrelatie kalft geleidelijk af en de cohesie binnen de groep kan gemakkelijk en snel verminderen. Een individuele ontsnapping aan zo’n proces lijkt vrijwel onmogelijk.

Cohesie behouden

Vanuit deze onzekerheid ontstond binnen het bestuur van de afdeling Delft de idee om alle leden van de afdeling te vragen of zij een essay zouden kunnen schrijven over een onderwerp dat hun speciale interesse heeft of waarvan zij meer dan gemiddeld kennis dragen. Deze essays zouden dan onder alle leden worden verspreid, tot lering ende vermaak, maar vooral om reacties en commentaren te ontlokken. Op deze wijze zou de afdeling op virtuele wijze toch enigszins actief kunnen blijven en zou de onderlinge band tussen de leden niet voor langere tijd geheel behoeven weg te vallen. Het was dus een poging om de cohesie binnen de afdeling zoveel mogelijk te behouden. De gedachte dat binnen de afdeling Delft een grote diversiteit aan kennis en ervaring aanwezig is, vormde voor deze aanpak een extra impuls.

Het resultaat is een mooi boekwerk van 165 pagina’s waarin een grote verscheidenheid aan onderwerpen is gebundeld, uiteenlopend van een fantasierijke ontmoeting met buitenaards leven, een filosofisch betoog over samenhang in een verdeelde wereld, stukken met een persoonlijke, politieke en literaire inslag, actuele verhalen over de menselijke waarden van Europa en 'Brexit means Brexit' tot een minutieuze uiteenzetting van het drama waarom de Boeing 737 Max faalde. Het is een prachtige illustratie van de creativiteit en de kennis die in de afdeling Delft aanwezig is en een voorbeeld van wat de mens vermag, ook in barre coronatijden, als hij de handen ineenslaat.

De canon

De afdeling Delft heeft inmiddels een tweede coronabundel in voorbereiding, die deels als thematisch onderwerp de Canon van de Nederlandse geschiedenis zal bevatten. Gelet op de discussie die momenteel in Vlaanderen wordt gevoerd over het opzetten van een Vlaamse canon, denken wij op interesse van onze Vlaamse Ordegenoten te mogen rekenen.

Een vriendelijke Princegroet,

Jan van Groesen
Voorzitter afdeling Delft

De afdeling Delft heeft dit boek kunnen uitgeven dankzij een subsidie van 'Antwerpen'. Een digitale versie van de bundel zal binnenkort verschijnen op de Delftse pagina’s van de website van de Orde. Het gedrukte boek leent zich uitstekend als presentexemplaar. Ordeleden die het boek willen bemachtigen, kunnen zich wenden tot Mick Eekhout, vicevoorzitter van de afdeling Delft.

 

 

Coronaboekje 't Sticht

Bij het speuren op de website van de Orde van den Prince naar interessante zaken voor PrincEzine, viel ons oog toevallig op een brief van het bestuur van de afdeling ’t Sticht. Daarin schrijft de voorzitter: "Hoe mooi is het dat een aantal leden ons via ons boekje Gedachten, gedichten en beelden bij Kerst en Oud en Nieuw meenam en deelgenoot liet zijn van wat hem of haar bezig hield. Het werd een indrukwekkend boekje." Dit 'coronaboekje' stond toen nog niet op de afdelingspagina van ’t Sticht. Inmiddels wel.

De inleiding bij de 35 pagina’s tellende bundel zegt precies wat de bedoeling is: "Een boekje, samengesteld door de leden van ’t Sticht, probeert iets goed te maken van het gemis dat door Covid-19 werd veroorzaakt. Een boekje met reflectie, met wensen en met het verlangen naar een toekomst waarin we elkaar weer kunnen ontmoeten. Dat de lezer zich dicht bij hen die in dit boekje bijdragen, mag voelen!"

Zeer gevarieerd qua inhoud, gaande van kerstherinneringen tot een uitleg over het joodse feest Chanoeka, en natuurlijk met een aantal gedichten – en bepaald niet allemaal over het virus! Zo brachten Heleen en Dick het gedicht Un sourire van Raoul Follereau (uit: Le Livre d’amour, 1920) mee van hun reizen door Frankrijk: het stond op de muur van een restaurantje aan de Route Nationale van Gevrey-Chambertin naar Beaune en bevat een lieve en wijze les.

Un sourire ne coûte rien en produit beaucoup.

Il enrichit ceux qui le reçoivent

Sans appauvrir ceux qui le donnent

(…)

 

Heropening kapperszaken

Als er iets in de rubriek 'De Orde in coronatijd' past, zijn het wel de coronakapsels en de heropening van de kapperszaken. Ze hebben menig dichter in de Orde geïnspireerd. Een mooi voorbeeld is de ode van Geertrui Seys uit de afdeling Westkwartier. En allicht hoort er hier een foto-voor-en-na bij …

 

Ode aan een verdwijnend 'item'

(om toch ten minste één Engels woord in te zetten)

 

Waar gaat dat naartoe

Dat vele haar van haar

Haar haar als afvalwaar

 

Meerkleurigheid verzwindt

De scheidingslijn verkwijnt

En de structuur verdwijnt

 

De krul wordt afgesneden

De lokken opgeblazen

De kantjes afgegraven

 

O haar van haar

Die haren draagt

En knippen laat

Gedenk toch ook de man

Die jarenlang zijn scheiding droeg

Van oor tot oor

Omdat het moest.

 

Geertrui Leeuwenhoofd

(Nog een hele week)

 

Geertrui Seys

Afdeling Westkwartier

 

Paasgedicht in coronatijd

Alvast voor Pasen geven we tenslotte nog een gedicht mee van Jos Wilmots, emeritus-hoogleraar taalkunde in Hasselt en oud-Presidiumraadslid Neerlandistiek die ook vorig jaar een gedicht over Pasen in coronatijd aan PrincEzine bezorgde.

 

Pasen 2021

Veel mensen zijn met moeite voortgestrompeld;

het was een lange weg door de woestijn.

En nu nog wordt er ongerust gemompeld:

zou het beloofde land er gauw ook zijn?

 

We moeten maar elkaar zo blijven schragen;

dan komt het goed, al zijn er twijfels nog

en allerlei onopgeloste vragen.

We zijn er nog niet uit, zegt men, maar toch …

 

De paashaas kan weer door de tuinen rennen;

hij is al twee keer ingeënt, zo blijkt.

En oma mocht de baby gaan herkennen 

die sprekend op de vele foto’s lijkt.

 

De klokken zijn naar Rome weer gevlogen  

en beieren hun vreugde rond de kerk. 

Klinkt nog het Halleluja ingetogen,

het nieuwe licht brengt hoop en maakt ons sterk.

 

Jos Wilmots
Afdeling Limburg I